Toyota blijft bovenaan in FIA WEC-test Paul Ricard

Niet erg verrassend sloot het Toyota-fabrieksteam de tweedaagse ‘Proloog’ als pre-seizoenstest van het FIA World Endurance Championship op het Circuit Paul Ricard in het Zuid-Franse Le Castellet als snelste af.

De tijden van de beide Toyota’s, die gisteren zonder de restricties van de in het FIA WEC geldende ‘Equivalence of Technology’ gereden werden, konden vandaag niet worden verbeterd. De snelste tijd in de LMP2-klasse bleef in handen van het Dragonspeed-team met Roberto Gonzalez, Pastor Maldonado en Ben Hanley in de Oreca. In de GTE-klasses bleef Porsche bovenaan: Gianmaria Bruni eindigde als snelste GTE-Pro-rijder in de fabrieks-911 met het startnummer 91, Porsche-fabrieksjunior Matteo Cairoli klom op de slotdag op naar de toppositie in de GTE-Pro-klasse met de nummer 88-Dempsey-Proton-Porsche.

Samen legden de beide Toyota’s in de 30-uurstest niet minder dan 1.002 ronden af, een afstand van zo’n 5.800 kilometer. Als verklaring van de snelle tijden van gisteren, waarin het verschil met de non-hybride-LMP1-auto’s van de diverse privéteams in de klasse tenminste vier seconden bedroeg, gaf technisch directeur Pascal Vasselon vandaag als verklaring dat de Toyota’s gisteren zonder de restricties in het kader van de ‘Equivalence of Technology’ reden om enkele koelingscomponenten onbeperkt te kunnen testen, iets wat vanwege lagere temperaturen bij eerdere tests blijkbaar niet mogelijk was geweest. Vandaag lag het tempo van de Toyota’s wat lager, zodat de conclusie voor de hand ligt dat er nu wel met de geldende restricties gereden werd.


Van de non-hybrides bleef de nummer 11-SMP-auto met Mikhail Aleshin en Vitaly Petrov het snelst, gevolgd door de nummer 1-Rebellion, die gisteravond de positie tussen de beide SMP-BR1’s had ingenomen. Renger van der Zande en zijn teamgenoten Henrik Hedman en Ben Hanley, voor wie de test op Paul Ricard de eerste kennismaking met de nieuwe Dragonspeed-BR1 vormde, sloot de test als achtste af. Henley zorgde twee minuten voor het geplande einde van de test om 16.00 op zaterdagmiddag voor de enige rode vlag gedurende de tweedaagse test, toen hij met een defect op de baan stilviel. Uiteraard werd de sessie daarna niet meer hervat.

Dragonspeed bleef bovenaan in de LMP2-klasse, de positie die het team gisteren al had veroverd. Achter de Oreca van het team volgde de Signatech-Alpine – die natuurlijk ook gewoon een Oreca is – en de TDS Racing-Oreca. De beste niet-Oreca was de Dallara van Racing Team Nederland op de vierde plaats in de klasse, met een alleszins acceptabele achterstand van 0,552 seconde op de snelste tijd van Dragonspeed. Met een totaal van 325 ronden legde het Nederlandse trio van Frits van Eerd, Giedo van der Garde en Jan Lammers de  grootste afstand van alle teams in de klasse af. De Jackie Chan DC Racing-Oreca met Ho Pin Tung, Gabriel Aubry en Stéphane Richelmi sloot de sessie als vijfde af.

Porsche bleef aan kop van de rangschikking in de GTE-Pro-klasse, al was het de Italiaan Gianmaria Bruni die de tijd van zijn teamgenoot Richard Lietz van gisteren in de nummer 91-Porsche wist te kloppen. Op een halve seconde eindigde de andere fabrieks-Porsche met Michael Christensen en Kévin Estre als tweede in de klasse, gevolgd door de beide Fords. Bij het BMW Team MTEK lag de nadruk op racesimulaties ter voorbereiding van het komende seizoen. In totaal kwamen de beide BMW’s op 866 ronden. “We hebben waardevolle ervaring kunnen opdoen, maar tot aan Spa is er nog veel te doen”, zei teambaas Ernest Knoors. Rijder Nicky Catsburg was tevreden: “De auto loopt als een uurwerk, maar het is erg moeilijk om te zeggen waar we staan ten opzichte van de concurrentie.”

In de GTE-Am-klasse was het beeld identiek aan dat van gisteren met vier Porsches op de eerste vier plaatsen, al was de volgorde enigszins anders. Porsche Young Professional Matteo Cairoli reed in de nummer 88-Porsche van het Dempsey-Proton-team de snelste tijd. In combinatie met het sterke optreden van de Gulf Racing UK-Porsche, die de sessie dankzij Ben Barker als tweede afsloot, duikelde de nummer 77-Dempsey-Proton-Porsche, die gisteren nog bovenaan stond, in de totaaluitslag naar de derde plaats, gevolgd door de 911 RSR van nieuwkomers Project 1. Met de twee Aston Martins daarachter en de drie Ferrari’s op de onderste drie posities in de klasse veranderde de verhouding tussen de drie merken in de klasse niet.

 

Bron: autosport.nl