Toyota Prius Wagon 1.8 HSD Aspiration (2012)

De Prius evolueerde van sedan tot hatchback en is er ook als zevenzits-MPV. Het is geen auto die hartstocht oproept, maar dat hoeft ook niet. De zakelijke rijder die op zaterdag een team F’jes naar een uitwedstrijd moet brengen, lijkt dan ook spekkoper.

De Prius Wagon verraadt z’n familiebanden met de gewone Prius geenszins; z’n neusje is zuiver Toyota, maar alles daarachter is inwisselbaar. Het lijnenspel kunnen we namelijk echt niet spannend noemen. De auto gaat al snel op in de massa. Daar doet de kleur ‘Ash Grey’, zoals op onze testauto, ook geen goed aan. Met z’n verduisterde achterste zijruiten en het dak dat na de voorruit nog behoorlijk ver omhoog loopt, doet-ie denken aan een naar grijs kenteken omgebouwde stationcar.

Bij de gewone Prius blijft er vanwege het onder de laadvloer geplaatste accupakket weinig bagageruimte over. Met deze makke rekent Toyota bij de Prius Wagon af door de batterij rechtop tussen de voorstoelen te zetten. Dit betekent dat er helemaal achterin ruimte in de bodem is ontstaan om een derde zitrij in op te vouwen. Zolang ze niet al te groot zijn, kun je hier twee passagiers kwijt. De instap naar die zitrij is simpeler, doordat de stoelen waaruit de gewone achterbank is opgebouwd verschuifbaar zijn. Op rij twee is het beter vol te houden, mede doordat het hogere dak voor voldoende hoofdruimte zorgt.

Minder enthousiast zijn we over de indeling van het dashboard. Net als bij de gewone Prius is ervoor gekozen alles op de middenconsole te concentreren. Recht voor de bestuurder is er alleen wat basisinformatie van het head-updisplay af te lezen, op en achter het stuur zitten nog wat knoppen en hendels, maar alle instrumenten en bedieningsorganen zitten midscheeps. De gebruikte materialen voelen wel weer goed aan en het geheel is keurig afgewerkt.
Alles op braaf

De aandrijflijn is qua opzet hetzelfde als wat we gewend zijn bij de gewone Prius: een 98 pk sterke benzinemotor en een elektromotor met 82 pk die op de vertrouwde wijze samenwerken. De eindoverbrenging is verkort, waardoor de grotere en zwaardere Prius Wagon bijna net zo kwiek door het verkeer gaat als de standaard Prius. De aandrijflijn doet keurig wat we ervan verwachten. Wat de Wagon helaas óók van de hatchback heeft overgenomen, is het gegier van de verbrandingsmotor op het moment dat je het gaspedaal intrapt.

Met een drietal toetsen op de middentunnel kun je als bestuurder het gedrag van de aandrijflijn beïnvloeden. Theoretisch zou je ruim twee kilometer op de batterij kunnen rijden, maar in de praktijk ben je al een knappe vent wanneer je een paar honderd meter ver komt. Maar goed, uiteindelijk weet de elektronica zelf het best wat er moet gebeuren om zo ver mogelijk op een druppel benzine te komen. Dat is met het gemeten gemiddelde van één liter benzine op 17,4 kilometer overigens beduidend minder ver dan de door Toyota opgegeven 1 op 23,3.

Het onderstel is nogal alledaags. Aan de voorkant vinden we McPhersonveerpoten, aan de achterkant een semionafhankelijke torsieas. Het resultaat is dan ook een allerbehalve spectaculair rijdende auto, die braaf doet wat-ie moet doen. Ondanks z’n forse hoogte helt de auto in bochten slechts in beperkte mate over. De snelheidsafhankelijke stuurbekrachtiging maakt een synthetische indruk en komt wat gevoelloos over. Iets meer communicatie is welkom.

Bron: autoweek.nl