Analyse: Suzuki doet ’t nu met Toyota

Toyota samenwerking

Ze deden het eerst met General Motors en dat ging 30 jaar goed. Toen werd Volkswagen de nieuwe partner maar dat liep al vanaf het begin verkeerd. En nu heeft Suzuki, de 10e autofabrikant ter wereld, weer een nieuwe en verrassende partner: landgenoot Toyota. De Japanse autobedrijven gaan ‘mogelijke vormen van samenwerking onderzoeken’, zo hebben ze onlangs aangekondigd.

 Eerst even wat cijfers, want Suzuki behoort niet tot de meest bekende merken. In ons land verkocht het Japanse merk in de eerste tien maanden van dit jaar op de kop af 7.359 personenauto’s waarmee het een marktaandeel heeft van net twee procent. Met dat aantal staat Suzuki pas op de 18e plaats op de vaderlandse ranglijst. Wereldwijd produceerde Suzuki in de drie kwartalen van dit jaar ruim 2,2 miljoen personenauto’s in 19 fabrieken over de hele wereld. Daarvan werden er overigens wel 480.000 verkocht in Japan zelf, waarvan de overgrote meerderheid kleine autootjes (‘kei-cars’) tot 660 cc.

Tot zover de cijfers, nu even een stukje geschiedenis. Suzuki, dat pas sinds de jaren ’50 auto’s bouwt, begon een goede veertig jaar geleden intensief samen te werken met General Motors. GM nam een belang van 20 procent en liet Suzuki toe tot haar ontwikkelingsprogramma’s. Ook bouwden de twee samen auto’s in een fabriek in Canada. Die langdurige relatie eindigde abrupt toen GM in 2008 bankroet werd verklaard. Suzuki ging niet bij de pakken neerzitten en dacht al snel een nieuwe partner gevonden te hebben in Volkswagen. In december 2009 werd die deal ook bekrachtigd door Osamu Suzuki en de toenmalige baas van VW Martin Winterkorn. VW kocht 19,9 procent van de aandelen Suzuki terwijl de Japanners met de daarvoor gevangen 1,7 miljard euro op hun beurt een belang van 2,5 procent in VW namen.

Maar dat huwelijk liep al vanaf het begin op de klippen. Volkswagen moest Suzuki al snel melden dat de dieselmotoren die ze wilde gebruiken in haar SX4 S-cross niet beschikbaar waren waarop Suzuki al snel openlijk riep dat er met de Duitsers niet te werken viel. Al snel rees het vermoeden dat VW Suzuki liever als 12e merk in haar uitgebrachte stal wilde opnemen, iets waar ze in Tokyo absoluut niets voor voelden. Uiteindelijk besloten beide partijen uit elkaar te gaan maar dat leidde tot jaren bitter vechten voor de rechtbank, vooral omdat VW het verworven belang in Suzuki niet op wilde geven waardoor het samenwerking met andere autofabrikanten kon tegenhouden. Uiteindelijk stelde een rechter in Londen dat VW dat pakket toch van de hand moest doen, waarop het overigens wel 1,5 miljard euro winst maakte.

En nu stapt Suzuki in met Toyota. Wat die grootste autobouwer ter wereld, althans in sommige jaren, precies met de deal beoogt is misschien niet op het eerste gezicht duidelijk maar voor Suzuki is zo’n sterke partner van levensbelang. Suzuki is met zo’n drie miljoen auto’s per jaar geen kleine jongen maar toch te klein om het in de wereldwijde slag om de automarkt op eigen kracht vol te houden. Niet voor niets roept Sergio Marchionne, de topman van Fiat Chrysler Automobiles, al jaren dat allianties en fusies in de autowereld onvermijdelijk zijn om de grote investeringen in nieuwe technologieën op te kunnen brengen. Bestuursvoorzitter Osamu Suzuki zei dat ook met zoveel woorden op de persconferentie waarop de alliantie werd aangekondigd: ‘’Er zijn grote veranderingen gaande in de autowereld, vooral in informatietechnologie, energie en milieu-onderwerpen. Onze toekomst zou onzeker zijn als we door zouden gaan met traditionele technologieën. We moeten ons nu niet alleen bezig houden met conventionele auto-R&D maar ook met R&D naar geavanceerde en toekomstige technologieën op terreinen als het milieu, veiligheid en IT. Bovendien is het steeds belangrijker om samen te werken met andere bedrijven bij zaken als infrastructuur ontwikkeling en het bepalen van nieuwe standaarden.”

Suzuki kan nu in ieder geval profiteren van het enorme R&D budget van Toyota, iets wat het bij VW tevergeefs heeft geprobeerd. Suzuki hoopt daarmee op te stoten in de vaart der volkeren en van een fabrikant die vooral bekend is van de Swift en de Alto over te schakelen naar het luxere – maar nog wel value for money – segment. Voor Toyota zit het voordeel vooral in Suzuki’s sterke positie in Azië en met name in India waar het via een dochter liefst 48 procent van de markt in handen heeft. Beide bedrijven benadrukken bovendien dat ze open staan voor samenwerking met andere collega’s. Van een fusie of overname is, althans in dit stadium, geen sprake: ‘’Bij de discussies over samenwerking is het uitgangspunt dat beide bedrijven met elkaar blijven concurreren op een eerlijke en onafhankelijke manier.” (Ruud Peys)

bron: automobielmanagement.nl